Posts tonen met het label Schijndel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Schijndel. Alle posts tonen

donderdag 16 mei 2013

De waarheid over de kerktoren van Eindhoven

Prent uit 1791 van de St. Petruskerk in Woensel
(tegenwoordig Eindhoven) waarvan nu alleen
nog de toren resteert; de hoge spits verloor de
toren al tijdens een orkaan in 1800 (bron: Wikipedia)
Achttiende brief, deel 3

Vervolgens liep ik in de richting van Eindhoven, waar ik een nacht bleef. Ik zag er precies hetzelfde als vorig jaar. Men vertelde mij echter dat de spits van de toren, die zeer laag is en van een lelijke bouwstijl, er op de volgende manier opgekomen is: men vertrouwde er niet op dat de architect van de toren een behoorlijke spits kon maken, en liet hem daarom slechts een kleine kap zetten, om die daarna weer weg te halen en een spits te laten bouwen door een ander. Toen de architect dat hoorde, nam hij dat zo hard op, dat hij, om zijn kunde te bewijzen, in het naburige Woensel een toren bouwde, die in alle opzichten een kunststuk van architectuur is. Toen hadden de Eindhovenaren natuurlijk berouw, maar dat was te laat. Hij was er niet toe te bewegen om daar nu een degelijke en uitstekende torenspits te bouwen.

Zo luidt het verhaal, maar dit is wat er werkelijk gebeurd is. In 1525 woei de spits hier van de toren en men plaatste er toen een provisorische kap op, met de bedoeling de spits er later weer op te zetten. Maar dat project bleef hangen en die noodkap staat nog steeds op de toren. Aan dit alles wil ik nog toevoegen dat dit stadje in 1543 door de beruchte Maarten van Rossum werd ingenomen. In 1552 brandde Eindhoven af. Het klooster Ten Hage bij genoemd stadje, waarmee ik je vorig jaar tijdens mijn vroeger reis al heb laten kennismaken, zou gesticht zijn in 1420 en de kerk daarvan brandde in 1561 af.

In de vroege ochtend zei ik vaarwel tegen Eindhoven en wandelde via Woensel - waar de hervormden tegenwoordig hun diensten houden in het huis van de schoolmeester, omdat ze hun kerk en de predikantswoning kwijt zijn - naar Son, waar ik mijn ochtendontbijt genoot. Vervolgens stapte ik weer verder naar Sint-Oedenrode. Hier at ik en na het middagmaal reisde ik weer verder naar deze stad, al was dat via een andere route dan waarlangs ik in dat dorp was gekomen. Ik wandelde over een eenzame heide naar Schijndel en van Schijndel langs een zeer aangename weg naar Den Dungen.

donderdag 19 januari 2012

Van Schijndel naar Tilburg

Landschap rond Oisterwijk (bron: BHIC)
Vijftiende brief, deel 1

Waarde vriend!

Toen ik Schijndel verliet, was het een bijzonder mooie dag om te wandelen. Het was niet te warm, vooral niet in het vroege ochtenduur, want er waaide een koel briesje, en de grond was flink bedekt met dauw, die een zeer aangename geur verspreidde. Ik werd heel wat minder snel moe, dan als het vreselijk heet geweest zou zijn.

Het eerste dorp dat ik bereikte, was Boxtel. Ik bleef hier echter niet langer dan nodig was om mij een beetje op te frissen, want ik herinnerde me nog levendig het begin van mijn reis, toen men mij hier zo vreselijk had geïrriteerd met nutteloze vragen.

Vervolgens wandelde ik verder richting Oisterwijk, een aanzienlijke plaats, waarnaar een deel van de Meierij is genoemd, namelijk het Kwartier van Oisterwijk. Hier at ik mijn middagmaal en sliep wat om uit te rusten. Tegen zonsondergang kwam ik in Tilburg aan. Onderweg, tussen Boxtel en Oisterwijk, werd ik door een man ingehaald, met wie ik het volgende gesprek voerde:

Hij: u lijkt hier vreemd te zijn (ik had hem naar de goede weg gevraagd).
Ik: ja, dat is zo.
Hij: wie bent u dan en waar komt u vandaan?
Ik: dat zeg ik noch aan u noch aan iemand anders.
Hij: ik denk niet dat u het niet wilt zeggen, omdat u een slecht mens bent.
Ik: wat dat betreft, hebt u gelijk. Maar ik vertrouw de mensen hier niet.

donderdag 12 januari 2012

Meierijenaars hebben geen gevoel voor geschiedenis


Veertiende brief, deel 4

Over Jan van Amstel kun je uitgebreid lezen bij Martinet in zijn Vereenigd Nederland. Ik was er erg op gebrand om zijn grafschrift te zien dat de Vader der Nederlandse dichters, Vondel, heeft vervaardigd. Ik vond boven zijn graf in de kerk, op een hardstenen zerk, dit tienregelige vers:

Klik voor een vergroting
van het grafschrift
Hier rust de eer der Amstelheeren,
Die Turken won, en oock den Zweed,
Hulp met kracht te Funen keeren,
En GUSTAVUS Seemacht sleet.
TROMP de hand boodt twee paer dagen,
In den slag met Brittenland.
Swaer gewondt, maar noydt verslagen
Voor de eer van’t Vaderlandt.
Looft dien vroomen Seebeschermer!
Schrijft sijn naem in’t ewich marmer!

Ik was er evenzeer op uit om zijn ouderlijk huis, waarop hij bezems had geplaatst, als teken dat hij de zee gezuiverd had, met een soort van eerbetoon te aanschouwen. Maar niemand kon mij dat huis tonen, ofschoon Martinet zegt dat het er nog steeds staat.

J.F. Martinet, door Rein. Vinkeles (1778)
Bron: DBNL
Ik zag hier dus opnieuw bevestigd, dat de Meierijenaars niet het karakter hebben om deugd, moed en dapperheid in hun geheugen te vereeuwigen. Dit stuitte mij zeer tegen de borst, zoals je makkelijk zult begrijpen, mijn vriend.

Morgen ga ik heel vroeg op pad, want ik zal dan een lange weg af te leggen hebben, naar Tilburg namelijk. Daar denk ik een tijdje te blijven om ook andere dorpen in de buurt daarvan te bezoeken. Ik stuur deze brief morgen weg - dan gaat er hiervandaan een bode naar Den Bosch - om je te laten weten waar ik nu ben, waar ik zal blijven en waar je me dus per brief kan bereiken.

Vaarwel, mijn beminde vriend en denk zo nu en dan eens aan jouw wandelende

VRIEND.

dinsdag 10 januari 2012

Het mooie van Schijndel

Veertiende brief, deel 3

Jan van Amstel (bron: Wikipedia)
Schijndel is groot, mooi en levendig. Dagelijks trekken er veel karren en mensen door het dorp, op weg naar Den Bosch. De kerk is een fraai gebouw en het raadhuis, dat nog nieuw is, is het mooiste van de hele Meierij. De roomse kerk is groot en zeer mooi.

Je vindt hier veel houtgewas en bomen en prachtige landerijen, zodat wandelingen hier bepaald niet onaangenaam, integendeel, zeer charmant zijn. De inwoners moeten zich hier erg toeleggen op het kweken van hout, omdat ze dat hard nodig hebben: enerzijds als brandstof, anderzijds omdat hier veel houten klompen of “holsblokken” gemaakt worden, die vanaf Den Bosch met scheepsladingen tegelijk naar Holland gebracht worden.

Hier woont tegenwoordig ook de roomse vicaris of bisschop van de hele Meierij. Zoals ik hoorde, is het een geschikte man, die een hekel heeft aan iedere vorm van vervolgzucht tegen de hervormden. Hij heeft zelfs verboden om op sommige plaatsen, waar men de kerk met geweld heeft ingenomen, de mis te lezen, alhoewel men zich daar in het algemeen niet aan houdt. Hij draagt hier de titel van Zijne Hoogwaardige.

Schijndel mag ook trots zijn op de geboorte van Jan van Amstel. Dat was een boerenzoon uit het dorp, die uit vrees voor straf wegliep, omdat hij het paard van zijn vader kreupel gereden had, en uiteindelijk in Amsterdam als scheepsjongen dienst nam op een oorlogsschip. Daar gedroeg hij zich zo dapper, dat hij vervolgens een van de beste kapiteins onder de grote Michiel de Ruyter werd.

donderdag 5 januari 2012

Beroemd, maar niet in Veghel

Veertiende brief, deel 2

In Veghel is de beroemde ingenieur C.J. Kraijenhoff geboren. Deze deskundige man is zeer bekend geworden door de aanleg en voltooiing van het Canal Imperial in Spanje. Zoals men weet is dat een mooie vaart. In Spanje had niemand genoeg kennis om zo’n kanaal te graven, om te waterpassen en om schutsluizen en dergelijke te bouwen. Die eer komt slechts iemand uit ons vaderland toe. Ik informeerde in Veghel naar deze man, maar tot mijn verontwaardiging wist niemand wie hij was geweest of dat hij hier was geboren.

De Meierij is nu eenmaal het land niet om kundigheid en verstand in ere te houden. Als de man rooms was geweest en hij had iets bijgedragen aan het bijgeloof of hij had de dweepzucht opgehitst, dan zou zijn naam zeker niet in vergetelheid zijn geraakt. Maar al zijn Veghel en de Meierij zo’n groot man onwaardig, de geschiedenisboeken hebben zijn naam al vereeuwigd en zeker in Spanje zal hij, zolang het Canal Imperial er is, herinnerd worden.

Na de middag ging ik naar Schijndel, waar ik pas tegen de avond aankwam, omdat ik van de goede weg was afgedwaald. Ik was erg moe en had dus geen zin om iets te gaan bezichtigen. Ik ging vroeg naar bed met het voornemen om vandaag alles eens goed te bekijken, zoals ik ook gedaan heb.